South Austin Jug Band Dark and Weary World
|
|
01. Dark and Weary World
02. Ghost
03. Karma
04. Overdrivin the Mic
05. Raleigh and Spencer
06. Coon Ass
07. She Don’t Care About Me
08. Weather on the Wood
09. Summer Sunset
10. Delirium
11. Lady Be Good
12. No Baby Swings Like Mine
13. Bluegrass in the Backwoods
|
"Haren en snaren: dat is de korste typering van de South Austin Jug Band. De snaren - fiddle, 2 x gitaar, staande bas en mandoline - hebben ze gemeen met andere bluegrassfanaten. De haren - lang; slordig, soms zelfs dreadlocks -, zonnebrillen en baseballcaps zijn juist weer in strijd met de dresscode. Hun muziek is al even dwars. In hun songkeuze, ze coverden al eens Hendrix en doen dit keer Gershwin, zijn ze eigenzinnig. Maar hun samenspel is warm, snel, hecht en solide als van echte bluegrass-boys."
Ariejan Korteweg, de Volkskrant.
"Dat de South Austin Jug Band even puur als The Hackensaw Boys klinkt en een stuk minder steriel aandoet als, bijvoorbeeld, The Greencards wil nog niet zeggen dat het op Dark and Weary World een dolle boel is.
Op deze tweede plaat, waarop een enkele instrumental, wat covers en een groot aantal eigen nummers staan, doet het vijftal de titel alle eer aan en betreden ze de donkere paden die verscholen zijn in het Amerikaanse gebergte, ofwel 'Bluegrass in the Backwoods' zoals de afsluiter heet. Wat dat aangaat, pakt de opvolger van het titelloze debuut een stuk somberder en donkerder dan Doghouse uit, de eerder verschenen soloplaat van Will Dupuy, bassist en zanger (vier van de vijf bandleden zingen) van de South Austin Jug Band.
Conclusie: het sprankelende, authentieke en ongepolijste spel van de South Austin Jug Band is weer eens het klinkende bewijs dat bluegrass onsterfelijk is." Maurice Dielemans, KindaMuzik.net
"Hoewel pioniers Bill Monroe en Bob wills als rolmodellen worden opgevoerd, horen we evengoed vleugjes Ierse folk en Balkan-zigeunerdeuntjes haast achteloos voorbijkomen. Smachtende tranentrekkers worden afgewisseld met razend-snel accelererende uptempo-songs, waarin een galopperende contrabas, fiddle, banjo (van gastspeler Charlie Rose) en mandoline om voorrang vechten. Het accentueert meteen een ander pluspunt van deze opmerkelijke plaat: de adembenemende instrumentbeheersing. En dat voor een stelletje jonge honden die ooit begonnen in een punkbandje." Marcel Haerkens, OOR
South Austin Jug Band South Austin Jug Band
|
|
01. Long Journey Home
02. Turn Around
03. My Baby in the Sunshine
04. Hill Country Nights
05. Little Wing
06. Motor City Man
07. Ramen Noodle Rag
08. Cuttin' the Mullet
09. The Ballad of Eddie Mullet
10. Cactus and Caliche
11. Stealin'
12. Old Settler's Breakdown
|
"Vijf nog jonge enthousiastelingen uit South Austin (vanaf Town Lake naar beneden) die zich op een mix van bluegrass en folky country werpen met een virtuositeit die je in eerste instantie niet hoort. ...staan zo ontwapenend te spelen dat het niet meteen opvalt hoe virtuoos die jongens ook zijn." - Gert Talboom, Rootstown Music
"Sympathiek album van vijf youngsters uit Texas die de old-time music traditie voortzetten. Ze brengen de mix van bluegrass, countryfolk en jugmuziek met de gebruikelijke virtuositeit en spelplezier." - Louis Nouws, Heaven
" de uitschieters zijn toch vooral de South Austin Jug Band en de Asylum Street Spankers die allebei met weinig middelen een zéér energieke show neerzetten." - verslag SXSW Ronald Besemer en Maurice Dielemans, KindaMuzik
"...liever gezegd de Newgrass, want de meest traditionele aller stijlen wordt hier ongeneerd gemixt met pop, rock en met name blues, onderstreept door de cover van Jimi Hendrix’s Little Wing. Niet op de vaker gehoorde melige manier, maar wel degelijk bloedserieus, en met een verbluffend resultaat. De, naar verluid uit punkbandjes afkomstige, leden beheersen hun typische Bluegrass instrumenten tot in de puntjes en weten zo de juiste down-home-country sfeer neer te leggen voor hun muzikale experiment... De perfecte plaat om zelfs de meest verstokte Bluegrass puristen de 21e eeuw binnen te trekken, en het bewijs dat deze muziek nog steeds springlevend is. " Jurgen Vreugdenhil, Plato Mania
"Jong, maar toch al rasmuzikanten......
Op hun best zijn ze wanneer de vlam in de pijp slaat zoals op openingstrack Long Journey Home en slotakkoord Old Settler´s Breakdown of wanneer ze typische Texaanse folkcountry spelen - zoals Steve Earle op Train A Comin´ - hier voorbeeldig gedaan op Cuttin´The Mullet en de bewerke bluestraditonal Stealin´(met overtuigende samenzang)...."
Bart Ebisch, AltCountry.nl
"De band speelt volledig akoestisch, maar wat klinkt het energiek en opwindend. Op zijn best zijn ze wanneer het gaspedaal flink wordt ingetrapt, zoals al reeds bij de opener " Long Journey Home", maar bij herhaalde beluistering weten ook de wat meer ingetogen nummers zonder meer te overtuigen... ...Kortweg : Sympathiek album van deze vijf youngsters uit Texas die de old-time music traditie voortzetten." - Rootstime
"Bluegrass? Newgrass? Neo-Jug? Akoestische countryfolk? ‘t Is niet echt makkelijk om een toepasselijk label te vinden voor de muziek van de South Austin Jug Band. Maar moet dat ook wel echt? Feit is dat de volledig akoestische muziek van het vijftal (in een productie van Lloyd Maines) betovert door zijn eenvoud en het spelplezier dat er echt van af spat." - Benny Metten, CtrlAltCountry.be
Will Dupuy Doghouse
|
|
01. Karma
02. Hot Popcorn
03. Delirium
04. The Windmill
05. Texas Girls
06. Pedernales
07. Loretta
08. Doghouse
09. Nug's Ride
10. Hound Dog
11. Driftin' Gypsy
|
"Hoewel Dupuy vooral traditionele bluegrass op een frisse en akoestisch manier brengt, worden op Doghouse toch onnoemelijk veel verschillende countrymuziekstijlen op een alternatieve manier voorgeschoteld.
Wie een sympathieke band als The Gourds weet te waarderen, zal niet teleurgesteld zijn door de liedjes van Will Dupuy. Net als bij The Gourds zijn de liedjes van Dupuy doorgaans vrolijk. Zelfs de Townes Van Zandt-cover 'Loretta' wordt op een vrij luchtige manier uitgevoerd.
Maar ondanks die gezelligheid geeft de contrabassist van de South Austin Jugband met het album Doghouse een indrukwekkend visitekaartje af. "
Maurice Dielemans, KindaMuzik
"een geactualiseerde kijk óp en een geslaagde mélange ván country, Western swing, bluegrass, old-time en mountain music. Met uitzondering van een zo ongeveer hetzelfde drukkende gevoel als een loden zon op kleverig asfalt oproepende cover van Townes Van Zandts “Loretta” betreft het daarbij uitsluitend eigen composities. Als uitschieters noteerden wij het lijzige titelnummer, de wervelende bluegrassexercitie “Delirium”, het van de geest van Bob Wills doordrongen “Karma”, “Texas Girls”, een op de benen mikkende swingende lofzang op het lokale vrouwelijke schoon, en het ingetogen, op een streepje accordeon van Cole Philly en wat fiddle-versieringen van z’n voormalige maatje Warren Hood voortkabbelende “Hound Dog”."
Benny Metten, www.CtrlAltCountry.be
"Dupuy beschikt over een prettig stemgeluid; waar hij bij de Jug Band zijn stembanden met name leent voor de ‘backings’, op Doghouse voert hij begrijpelijkerwijs de boventoon. Daarnaast plukt hij natuurlijk ook fervent aan zijn contrabas en schreef hij ook nog eens het merendeel van de songs. Songs die variëren van pure country tot bluegrass en van rootsy tot swing; echter: nergens oubollig. Vrijwel alles rolt er met bravoure en enthousiasme uit."
Leo Kattestaart, www.AltCountry.nl
"Will Dupuy is bassist en zanger bij The South Austin Jug Band. Deze Doghouse cd is zijn eerste solo-uitstapje. Wie zich de schitterende cd van de South Austin Jug Band aangeschaft heeft kan onverwijld ook deze Doghouse in huis halen. Hij zit namelijk eveneens boordevol old-time country, bluegrass, Southern countryrock, western swing, rootsy instrumentals en up-tempo countryswing. Alle songs zijn van eigen makelij op twee na: Loretta van Townes Van Zandt en het met Warren Hood en Noah ‘Nug’ Jeffries gecomponeerde Nug's Ride. Van de South Austin Jug Band vinden we hier enkel gitarist Willie Pipkin terug. De overige muzikanten zijn Noah ‘Nug’ Jeffries, Warren Hood (vroeger bij de South Austin Jug Band), Michael Hale, Bobby Socia, Cole Philly en zanger Cody Braun. De opnames gebeurden in de befaamde Cedar Creek Studios in Austin, Texas, waar ook The South Austin Jug Band zijn cd inblikte. De productie alhier gebeurde door Will Dupuy zelf. Enkele zeer aanstekelijke songs zijn o.a. Texas Girls, Pedernales en Doghouse. Andere fraaie Southern getinte countrysongs of countryrockers die aanbevolen zijn, heten Loretta, Hound Dog en Hot Popcorn. Of het zeer bluegrass getinte Delirium. "
Ben Vanhoegaerden, ROOTSTOWN MUSIC
|
South Austin Jug Band
|
|
Vijf jonge honden uit de ‘Live Music Capitol Of The World’ Austin Texas, allen afkomstig uit muzikale families waar traditionele deunen met de paplepel werden ingegoten. Dit heeft bij South Austin Jug Band geresulteerd in een aanstekelijke mix van Bluegrass en akoestische country-folk en zelfs een vleugje Hot Club Jazz. De media thuis bestempelt ze met de meest uiteenlopende labels: bluegrass, newgrass, neo-Jug, acoustic country-folk, Texas roots unplugged, swinging Lone Star beatnik country, young traditionalists.
Hun inspiratie komt van old-timers als Bill Monroe, Bob Wills, Walter Hyatt, Ernest Tubb maar naast deze heren hebben ze ook liedjes van Jerry Garcia, Townes Van Zandt en zelfs Jimi Hendrix onder handen genomen. Zowel Matt Slusher (mandoline/gitaar/zang) als Will Dupuy (bas/zang) hebben toen ze nóg jonger waren in punk-bandjes gezeten.
Van een band dat ooit min of meer “per ongeluk” ontstond, zijn ze nu in Austin en omgeving uitgegroeid tot een veel gevraagde live sensatie. Bijna alle leden werden namelijk een voor een opgepikt door zanger James Hyland, als vervanger voor de muzikanten van zijn vorige band die uit eindelijk uit elkaar viel. De samenwerking met deze nieuwe tijdelijke vervangers beviel echter zo goed dat hieruit een geheel nieuwe band ontstond.
De bands originele bezetting kreeg echt goed vorm toen de zoon van de overleden Texas fiddle legende Champ Hood bij de band kwam. Warren Hood liet de jongens kennis maken met de muziek van twee van zijn vaders bands: “Uncle Walt’s band” en “The Threadgills Troubadours” en zo raakten ze verslaafd aan deze aanstekelijke old-timey muziek. Warren kon echter niet bij de band blijven, omdat hij een conservatorium studie ging volgen in een andere stad. Maar op vrijwel datzelfde moment diende Dennis Ludiker, een andere jonge fiddler, zich aan. Ludiker verhuisde vanuit Washington naar Austin en komt eveneens uit een familie van fiddlers. Zo kon de band vrolijk doorgaan waar ze mee bezig waren.
Met een vaste avond in Austin’s club Momo’s groeide South Austin Jug Band uit tot een lokale live sensatie. Met deze populariteit wisten ze ook andere steden te bereiken met als gevolg dat ze de eerste prijs wonnen op het “New Band Contest” van het Telluride Bluegrass Festival van 2002. Kort daarna won Dennis de hoogste Washington State Old Time Fiddlers Contest én de Winfield Old Time Fiddle Contest. Vooral het plezier in het spelen heeft bij deze jongens altijd voorop gestaan en dat is behalve hun overduidelijke talent mede verantwoordelijk voor het succes van deze band. Wanneer je South Austin Jug Band ziet spelen druipt het enthousiasme er vanaf, en daarmee zullen ze ongetwijfeld ook de Nederlandse podia gaan veroveren.
Will Dupuy
Soloproject van contrabassist van de South Austin Jug Band. Met dit soloalbum laat Will zien en horen dat hij veel meer kan dan alleen een beetje plukken op de bas en wat achtergrondvocalen. Qua stijl tapt Dupuy uit het zelfde vaatje als zijn companen van de South Austin Jug Band, dus country, bluegrass, mountainmusic etc. Doghouse is een volwaardige plaat waarop Will alle nummers zelf zingt en uiteraard ook de bas bespeeld en met allemaal eigen composities en één cover, namelijk Loretta van Townes Van Zandt. Verder spelen wat mede leden en ex-leden (Warren Hood) van de SAJB erop mee. Liedjes op dit album zijn geïnspireerd op wat je zoal tegen komt in het Texaanse nachtleven waar de Dupuy zijn brood verdient. Met Noah "Nug" Jeffries, Warren Hood, Michael Hale, Willie Pipkin, Bobby Socia, Cody Braun en Cole Philly.
|
|